Het verwachte aandeel van twee tot vier kerncentrales in de elektriciteitsmix kan in 2050 rond de 10% liggen, afhankelijk van de vraag naar elektriciteit en het aantal draaiuren van de kerncentrales. Ter vergelijking: het Verenigd Koninkrijk wil het aandeel kernenergie in 2050 verhogen van 15% naar 25%. Frankrijk streeft naar meer dan 50% via een nieuwbouwprogramma van 40 GW.
Meerdere Europese landen (o.a. Frankrijk, Polen, Tsjechië, Zweden en het Verenigd Koninkrijk) zetten actief in op nieuwe kernenergieprojecten. Spanje overweegt, net als België eerder heeft gedaan, om geplande sluitingen terug te draaien vanwege de hoge energieprijzen. Nederland heeft op dit moment slechts één operationele kerncentrale (in Borssele, Zeeland) en is pas in 2022 begonnen met het verkennen van de bouw van nieuwe kerncentrales. De Nederlandse plannen passen daarmee in een bredere Europese ontwikkeling.
De totale duur van het traject tot voltooiing van de kerncentrale is nog onzeker, maar volgens recente onderzoeken lijkt oplevering op zijn vroegst eind jaren ’30 haalbaar. De eerder beoogde oplevering in 2035 vervalt daarmee. De exacte planning hangt af van de keuze voor locatie en techniek; sommige locaties of ontwerpen vragen meer voorbereidingstijd dan andere.
De huidige procedure richt zich op een besluit over de locatie van de eerste twee kerncentrales. Voor de ruimtelijke inpassing van kerncentrales 3 en 4 zal het kabinet via het Programma Energiehoofdstructuur (PEH) eerst onderzoeken of het wenselijk is om, vanuit de totale opgave voor het toekomstige energiesysteem en in samenhang met andere ruimtelijke projecten, andere uitgangspunten te hanteren. In het PEH wordt dan richting gegeven aan de ruimtelijke inpassing van kerncentrales 3 en 4, waarna een nieuwe procedure kan starten.
De verwachting is dat de nieuwe kerncentrales een minimale bedrijfsduur van 60 jaar zullen hebben.
Ja. Los van een zeer kleine kans op een kernongeval met ernstige gevolgen, heeft een kerncentrale in principe geen veiligheidsrisicocontour buiten de terreingrens. Zowel binnen als buiten de centrale wordt ervoor gezorgd dat er geen blootstelling aan ioniserende straling plaatsvindt. Dit wordt gemonitord met meetapparatuur op de terreingrens. De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) houdt hier toezicht op.
Deze procedure betreft de bouw van twee grote reactoren. Daarnaast wordt ook gekeken naar kleine modulaire kerncentrales (Small Modular Reactors, SMR’s). Momenteel wordt een SMR-programma-aanpak opgesteld, waarmee we ons voorbereiden op een mogelijke realisatie van SMR’s in Nederland. Het doel is om de potentiële bijdrage van SMR’s in kaart te brengen en de voorwaarden voor verdere ontwikkeling te formuleren.
Het Rijk-Regio-pakket is een gezamenlijk pakket van maatregelen voor de regio waarin de kerncentrales worden gebouwd. Als het locatiebesluit bijvoorbeeld op Zeeland valt, wordt een specifiek Rijk-Regio-pakket voor Zeeland vastgesteld. Dit pakket is bedoeld om de invloed op de leefomgeving te beperken en tegelijkertijd in te spelen op gezamenlijke kansen en belangen voor de toekomst van de regio.
Het gebied is naar voren gekomen uit reacties op het Voornemen en voorstel voor Participatie (VenP). In het VenP, dat op 1 februari 2024 werd gepubliceerd, is de vraag gesteld aan lezers welke locaties mogelijk geschikt zijn voor de bouw van nieuwe kerncentrales. In totaal zijn 1.374 reacties ontvangen. Uit de beoordeling daarvan kwam de Eemshaven naar voren als een locatie die voldoet aan de vereisten voor vestiging van kerncentrales (zoals aanwezigheid van een hoogspanningsnet, beschikbaarheid van koelwater, afwezigheid van grote bevolkingsconcentraties en voldoende toegangswegen voor rampenbestrijding).
Tegelijkertijd is het kabinet zich bewust van de gevoeligheden in Groningen en van de politieke en maatschappelijke wensen van de Tweede Kamer, Provinciale Staten en de gemeenteraad van Het Hogeland. Daarom heeft het kabinet de Landsadvocaat gevraagd te onderzoeken of, en zo ja hoe, de Eemshaven buiten het locatieonderzoek gehouden kan worden zonder grote juridische risico’s.
In de Kamerbrief van februari 2025 is, op basis van het advies van de Landsadvocaat, geconcludeerd dat het niet mogelijk is om de Eemshaven uit te sluiten zonder juridische risico’s te nemen. Het uitsluiten van de Eemshaven zou kunnen leiden tot vertraging of zelfs vernietiging van het projectbesluit door de Raad van State.
Nee, die is er nog niet. Het participatieproject hiervoor moet nog worden opgezet. Naar verwachting zal dit na 2027 van start gaan.
Nee, op dit moment worden zeven locaties onderzocht, namelijk:
- In het Sloegebied: het EPZ-terrein in Borssele en het voormalige Thermphos-terrein in Vlissingen
- In Terneuzen: Mosselbanken/Paulinapolder
- Op de Maasvlakte II: Alexiahaven (westzijde)
- In de Eemshaven: Westereemsweg/Emmapolder, Eemshavencentrale en Eemscentrale
Omdat de technologie nu nog niet beschikbaar is, en de realisatie van een SMR ook meerdere jaren duurt.