Nut & Noodzaak
Het verwachte aandeel van twee tot vier kerncentrales in de elektriciteitsmix kan in 2050 rond de 10% liggen, afhankelijk van de vraag naar elektriciteit en het aantal draaiuren van de kerncentrales. Ter vergelijking: het Verenigd Koninkrijk wil het aandeel kernenergie in 2050 verhogen van 15% naar 25%. Frankrijk streeft naar meer dan 50% via een nieuwbouwprogramma van 40 GW.
Kernenergie draagt bij aan een weerbaar en betaalbaar energiesysteem doordat het stabiel vermogen levert wanneer zon niet schijnt en de wind niet waait. Daarnaast zorgt het voor diversificatie van de energiemix en helpt het bij CO2 afname in moeilijk te verduurzamen sectoren. Daarnaast geeft het invulling aan het Coalitieakkoord waarin is afgesproken om in te zetten op ten minste vier kerncentrales waaronder SMRs
Het kabinet werkt met een aanpak langs vier sporen:
- Bouw van de eerste twee grootschalige kerncentrales en bedrijfsduurverlenging van Borssele.
- Verdere opschaling (kerncentrale 3 en 4) met grote kerncentrales en/of SMR’s.
- Ondersteuning van private SMR-initiatieven, bijvoorbeeld voor industrie en regionale energiesystemen.
- Stimulering van innovatieve nucleaire technologieën, zoals generatie IV-reactoren.
Daarnaast wordt ingezet op versterking van het nucleaire ecosysteem, waaronder kennisontwikkeling, brandstofketens en internationale samenwerking.
Nieuwbouw kerncentrales
Nee, op dit moment worden 3 locaties verder onderzocht, namelijk:
- In Terneuzen: Mosselbanken/Paulinapolder
- In de Eemshaven: Emmapolder en Eemscentrale
De exacte ruimtebehoefte is afhankelijk van locatiekeuze en de bouwer (technologieleverancier). De inschatting is dat 50-60 hectare (ha) benodigd is voor de twee centrales en 60-70 ha voor tijdelijk bouwterrein. Daarnaast is nog een aantal hectares noodzakelijk voor de landschappelijk inpassing en ontsluitingen. De totale grondbehoefte wordt daarom nu geschat op tussen de 150-200 ha.
Deze procedure betreft de bouw van twee grote reactoren. Daarnaast wordt gekeken naar kleine modulaire kernreactoren (Small Modular Reactors, SMR’s). Op 19 juni 2026 is er een Kamerbrief gepubliceerd over de ambities van het kabinet met betrekking op SMR’s. Het gaat over verdere opschaling van kernenergieproductie, via een derde en vierde grote centrale en/of met Small Modular Reactors (SMR’s). Daarnaast gaat het om stimuleren van private SMR-initiatieven voor bedrijven. Verder wil het kabinet kansrijke innovatieve nucleaire ontwerpen in Nederland ondersteunen, waaronder SMR-technologieën die op termijn kunnen bijdragen aan energieproductie en mogelijk afvalreductie.
Het gebied is naar voren gekomen uit reacties op het Voornemen en voorstel voor Participatie (VenP). In het VenP, dat op 1 februari 2024 werd gepubliceerd, is de vraag gesteld aan lezers welke locaties mogelijk geschikt zijn voor de bouw van nieuwe kerncentrales. In totaal zijn 1.374 reacties ontvangen. Uit de beoordeling daarvan kwam de Eemshaven naar voren als een locatie die voldoet aan de vereisten voor vestiging van kerncentrales (zoals aanwezigheid van een hoogspanningsnet, beschikbaarheid van koelwater, afwezigheid van grote bevolkingsconcentraties en voldoende toegangswegen voor rampenbestrijding).
Tegelijkertijd is het kabinet zich bewust van de gevoeligheden in Groningen en van de politieke en maatschappelijke wensen van de Tweede Kamer, Provinciale Staten en de gemeenteraad van Het Hogeland. Daarom heeft het kabinet de Landsadvocaat gevraagd te onderzoeken of, en zo ja hoe, de Eemshaven buiten het locatieonderzoek gehouden kan worden zonder grote juridische risico’s.
In de Kamerbrief van februari 2025 is, op basis van het advies van de Landsadvocaat, geconcludeerd dat het niet mogelijk is om de Eemshaven uit te sluiten zonder juridische risico’s te nemen. Het uitsluiten van de Eemshaven zou kunnen leiden tot vertraging of zelfs vernietiging van het projectbesluit door de Raad van State.
Per 1 juli 2026 is Eemshaven geschrapt als waarborgingsgebied voor kerncentrales. Het schrappen betekent niet dat een gebied daarmee wordt uitgesloten als mogelijke locatie voor een kerncentrale. Een waarborgingsgebied is geen ruimtelijke reservering of aanwijzing van een toekomstige locatie, maar heeft als doel om ontwikkelingen te voorkomen die de eventuele exploitatie van een kerncentrale kunnen belemmeren.
De geschiktheid van een locatie voor nieuwe kerncentrales wordt beoordeeld aan de hand van verschillende technische, ruimtelijke en veiligheidseisen, zoals de aansluiting op het elektriciteitsnet, de beschikbaarheid van voldoende koelwater en de bevolkingsdichtheid in de omgeving (maximaal van 5.000 inwoners binnen 1 kilometer).
Het schrappen van Eemshaven als waarborgingsgebied betekent niet dat Eemshaven op voorhand kan worden uitgesloten van de locatieonderzoeken voor nieuwe kerncentrales. De locatie zal, net als andere mogelijke locaties, worden beoordeeld op basis van de geldende criteria en de toekomstige energiebehoefte.
De totale duur van het traject tot voltooiing van de kerncentrale is nog onzeker. De exacte planning hangt af van de keuze voor locatie en techniek; sommige locaties of ontwerpen vragen meer voorbereidingstijd dan andere.
Programma Energie Hoofdstructuur II (PEH II) maakt ruimtelijke keuzes voor nieuwe elektriciteitsinfrastructuur zoals elektrolyse, grote kerncentrales en of SMR's. Het programma geeft een eerste integraal ruimtelijk beeld van geschikte gebieden voor onder andere kernenergie. Dit traject staat los van de projectprocedure van kerncentrales 1 en 2.
De verwachting is dat de nieuwe kerncentrales een minimale bedrijfsduur van 60 jaar zullen hebben.
Meerdere Europese landen (o.a. Frankrijk, Polen, Tsjechië, Zweden en het Verenigd Koninkrijk) zetten actief in op nieuwe kernenergieprojecten. Spanje overweegt, net als België eerder heeft gedaan, om geplande sluitingen terug te draaien vanwege de hoge energieprijzen. Nederland heeft op dit moment slechts één operationele kerncentrale (in Borssele, Zeeland) en is pas in 2022 begonnen met het verkennen van de bouw van nieuwe kerncentrales. De Nederlandse plannen passen daarmee in een bredere Europese ontwikkeling.
Doorstroomkoeling is een koeloptie waarbij water uit een rivier of zee wordt gebruikt om warmte af te voeren die vrijkomt bij de productie van elektriciteit. Het water stroomt door het koelsysteem van de kerncentrale en wordt vervolgens teruggevoerd naar de oorspronkelijke waterbron.
Bij het opwekken van elektriciteit kan niet alle warmte worden omgezet in stroom. Het deel dat niet wordt gebruikt, moet worden afgevoerd om het productieproces goed en veilig te laten verlopen. Doorstroomkoeling is een van de gebruikelijke opties om deze overige warmte af te voeren.
In de huidige projectprocedure wordt er gekeken naar doorstroomkoeling, dat is een koeloptie via water. Er zijn ook alternatieve koelopties, maar die worden nu niet verder onderzocht.
Uit onderzoek in 2025 blijkt dat twee kerncentrales op de locatie Borssele technisch kunnen functioneren zonder koeltorens, met doorstroomkoeling. Ook op andere onderzoekslocaties is voldoende water beschikbaar bij de locaties voor koeling via water (doorstroomkoeling).
Klimaatverandering leidt naar verwachting tot hogere watertemperaturen. Dit kan betekenen dat voor bedrijven die warmte willen lozen op oppervlaktewater, waaronder kerncentrales, in de toekomst aanvullende eisen kunnen gelden. Bij kerncentrales wordt eerst gekeken naar mogelijkheden voor koeling via water. Als dit niet voldoende is, kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals bijvoorbeeld koeltorens.
Na de locatiekeuze wordt dit verder uitgewerkt.
Naast doorstroomkoeling via water bestaan er ook andere koelopties, waarbij gekoeld wordt aan de lucht. Dat kunnen koeltorens zijn (klein, groot of meerdere), maar ook andere oplossingen zoals mechanische (bij)koeling of het gebruik van voorbassins.
De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) beoordeelt vergunningaanvragen voor nucleaire installaties, zoals nieuwe kerncentrales. Daarbij wordt uitgebreid gekeken naar de veiligheid van het ontwerp, de locatie en de bescherming van mens en milieu.
Alleen als aan alle wettelijke veiligheidsvereisten is voldaan, kan de ANVS een vergunning verlenen. Ook na vergunningverlening houdt de ANVS toezicht op de naleving van de regels. Voor meer informatie over de rol van de ANVS en nieuwe kerncentrales, klik hier.
Het voorkeursrecht is een juridisch instrument waarmee de overheid bepaalt dat zij als eerste een grondeigendom mag kopen als de eigenaar wil verkopen. Het voorkeursrecht is gevestigd op 19 juni 2026. Dit heeft de minister Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening gedaan op het verzoek van Staatssecretaris De Bat van Klimaat en Groene Groei.
Dit gebeurt om de regie te kunnen houden op de toekomstige ontwikkeling van een gebied. Met een voorkeursrecht voorkomt de Staat dat grondprijzen gaan stijgen door speculatie of eigendomsversnippering waardoor de uitvoering van plannen voor een gebied langer duren en meer geld kosten.
- In Terneuzen voor de realisatie van twee nieuwe kerncentrales en eventueel de komst van een 380 KV station.
- In Eemshaven voor de realisatie van twee nieuwe kerncentrales.
Grondeigenaren kunnen ons bereiken via contactformulier op de website Contact Kernenergie | Energietransitie.nl. Of u kunt ook een afspraak maken met de omgevingsmanagers van Zeeland en Groningen, zij komen graag bij u langs voor een gesprek.
Rijk-Regio-pakket
Het Rijk-Regio-pakket is een gezamenlijk pakket van maatregelen voor de regio waarin de kerncentrales worden gebouwd. Als het definitieve locatiebesluit bijvoorbeeld op Zeeland valt, wordt een specifiek Rijk-Regio-pakket voor Zeeland vastgesteld. Dit pakket is bedoeld om de invloed op de leefomgeving te beperken en tegelijkertijd in te spelen op gezamenlijke kansen en belangen voor de toekomst van de regio.
Nucleaire Energie Organisatie Nederland (NEO NL)
Nucleaire Energie Organisatie Nederland (NEO NL).
NEO NL is op 16 februari 2026 opgericht voor de realisatie van twee kerncentrales in Nederland. Beide centrales worden op één locatie gebouwd en hebben elk ten minste een capaciteit van 1.000 megawatt. Klik hier voor meer informatie over hoe NEO NL dat gaat aanpakken.
NEO NL is een staatsbedrijf, ofwel een beleidsdeelneming, met het ministerie van Economische Zaken en Klimaat als enige aandeelhouder. Het ministerie stelt voorwaarden op waarbinnen NEO NL de opgave onafhankelijk uitvoert.
NEO NL stelt daarbij de waarden veiligheid, zorgvuldigheid en maatschappelijk verantwoordelijkheid centraal.
NEO NL heeft voor alsnog de opdracht gekregen om de eerste twee kerncentrales te bouwen. In de toekomst kunnen er nog twee bij komen. De overheid onderzoekt de kansen en mogelijkheden voor de derde en vierde kerncentrale.
Op dit moment heeft NEO NL de opdracht om twee grote kerncentrales te realiseren.
Kleine modulaire kernreactoren (SMR's)
Omdat de technologie nu nog niet beschikbaar is, en de realisatie van een SMR ook meerdere jaren duurt.
Radioactief afval
Nee, die is er nog niet. Het participatieproject hiervoor moet nog worden opgezet. Naar verwachting zal dit na 2027 van start gaan.
Veiligheid
Ja. Los van een zeer kleine kans op een kernongeval met ernstige gevolgen, heeft een kerncentrale in principe geen veiligheidsrisicocontour buiten de terreingrens. Zowel binnen als buiten de centrale wordt ervoor gezorgd dat er geen blootstelling aan ioniserende straling plaatsvindt. Dit wordt gemonitord met meetapparatuur op de terreingrens. De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) houdt hier toezicht op.
De ANVS beoordeelt vergunningaanvragen voor een kerncentrale op basis van de Kernenergiewet (Kew). Als aan alle veiligheids- en milieueisen wordt voldaan, verleent de ANVS een Kew-vergunning. Deze vergunning is integraal en omvat alle milieueffecten, zoals ioniserende straling, geluid, geur en de opslag van gevaarlijke stoffen. Hierdoor is geen aparte Omgevingsvergunning nodig voor milieubelastende activiteiten; de Kew is leidend. Voor andere vergunningen die geen milieu betreffen, kan nog steeds een aparte Omgevingsvergunning nodig zijn.
Voor de bouw van een kerncentrale is een vergunning op basis van de Kernenergiewet (Kew) nodig, de zogenaamde oprichtingsvergunning. Als de reactor later in gebruik wordt genomen, is een aparte vergunning voor ingebruikname vereist.
Daarnaast kunnen er andere vergunningen nodig zijn volgens de Omgevingswet, zoals:
- Een omgevingsvergunning voor bouwen (via de gemeente)
- Een natuurvergunning (via de provincie)
- Een vergunning voor het lozen van warmte op oppervlaktewater (via Rijkswaterstaat)
Meer informatie zie de Handreiking Vergunningverlening, waarin wordt uitgelegd hoe de ANVS haar keuzes maakt en vergunningen in de praktijk verleent.